¿Quién es Isambart?
Probablemente te estés preguntando por qué te invité. Disfruto hablar con un holandés y quiero contar mi historia. ¿Eso esta bien?
Sí, por supuesto. Soy todo oídos. ¿Está bien si enciendo el dictáfono de mi iPhone?
Bien. Empecemos entonces por el principio.
Mi padre era un español rico, si no muy rico, y poseía muchas tierras.
Mi madre era holandesa. Tampoco es exactamente pobre. Ambos están fallecidos. Fui hija única y heredé todo. Se vendieron muchas tierras y eso me hizo aún más rico, pero es una pena lo de esos impuestos.
Así que debo estar bastante mimado. Ni siquiera me di cuenta de esto. Pensé que todo era normal. ¡Traído y traído de la escuela en un Rolls! Imagínate. Por eso lo acosaban en la escuela. Y luego también ese nombre extraño en un país donde a los niños se les suele llamar Juan, Pablo o Antonio.
Lo que también queda conmigo de esa época son los sueños que tuve. Sueños de ansiedad. Regresaban todas las noches. Estaba flotando en algún lugar del espacio infinito. No en nuestro sistema solar, no en nuestra galaxia, sino en el espacio interestelar infinito. Aunque en ese momento no sabía en absoluto qué era eso. Desperté y por miedo fui a la habitación de mis padres buscando algún tipo de protección. Pero nunca me permitieron hacerlo. acude a ellos en busca de consuelo. No, sólo vuelve a tu cama. No tenías que actuar. Durante mucho tiempo conservé esos sueños miserables. Sin saber que el espacio y el infinito luego jugarían un papel importante en mi vida. Más sobre esto más adelante.
Yo era un niño muy dócil. Adoraba a mi padre. Creía todo lo que decía, como la mayoría de los niños hasta cierta edad. Leí mucho en ese momento. Teníamos una biblioteca muy grande y si el libro que buscaba no estaba allí, simplemente lo pedí. En un momento tuve un libro pequeño, pero de gran impacto. En realidad, el folleto sólo constaba de fotografías. Era un niño pequeño como yo, sentado al sol. La siguiente imagen era su brazo con un insecto. Luego las imágenes se acercaron al insecto. Más y más. Molécula, átomo, núcleo, protón, quark. Realmente no puedes ir más lejos.
Lo mismo sucedió en apariencia. Entonces volviste a ver el brazo, luego el jardín, España, la tierra, el sistema solar, la galaxia, la galaxia con otras galaxias, etc., etc. Ese librito entonces me hizo pensar que el espacio que se mueve hacia adentro y hacia afuera era infinito. Sin embargo, tuve muchas dificultades con el concepto; uno i n d i g h e i d. Supongamos que el universo es finito, ¿qué hay al final del mismo? ¿Estamos en una especie de burbuja? ¿Y qué hay detrás de esa burbuja? Yo no lo sabía.
¿O ese infinito interior? El espacio se vuelve infinitamente pequeño, pero nunca nulo.
El resultado de toda esa preocupación fue que comencé a rechazar por completo la creencia en Dios. Qué terrible tontería. ¿Habría un Dios entre todos esos miles de millones de estrellas y planetas en ese espacio infinito que tuviera específicamente en mente la tierra para crear allí al hombre? ¿Darle un cerebro a esta persona y luego usarlo para creer en miles de religiones diferentes?
Esto fue para horror de mi madre, que era muy religiosa. Recuerdo una conversación con ella en la que me expresó su temor de que ella terminara en el cielo y yo en el infierno. Y ella quería evitarlo. Entonces Isambard, ¡cree en Dios!
Sí, cuál, el católico, el protestante, el islámico o no sé qué dios exactamente. Hay tantos. Esta era una especie de orden. Tenía unos 15 años y ya pensaba que esto era ridículo. ¿Cómo puedes creer en algo tan absurdo? ¿Cómo se puede forzar la creencia en algo? O crees en algo o no.
De todos modos, comencé a comportarme cada vez más como un verdadero adolescente. A mis padres no les gustó esto y me enviaron a un internado católico. Mi madre esperaba la conversión. Sucedió lo contrario. Esto fue para desesperación de varios sacerdotes, y para mi gran placer fui expulsado de esa escuela. Mi madre también se rindió.
Ese librito me hizo pensar entonces que el espacio hacia dentro y hacia fuera era infinito.
Después de muchos viajes, comencé a estudiar física y astronomía en Holanda y España. Aprobado Cum Laude en ambas direcciones.

Werd wakker en ging uit angst naar de slaapkamer van m’n ouders op zoek naar een soort van bescherming. Maar ik mocht nooit bij hen komen om getroost te worden. Nee, ga maar terug naar je bed. Je moest je niet aanstellen. Lange tijd heb ik die ellendige dromen gehouden. Niet wetende dat ruimte en oneindigheid later een belangrijke rol in mijn leven zouden spelen. Later meer hierover.
Ik was een heel volgzaam jongetje. Adoreerde mijn vader. Geloofde alles wat hij zei, zoals de meeste jongetjes tot een bepaalde leeftijd. Ik las heel veel in die tijd. We hadden een heel grote bibliotheek en als het boek wat ik zocht er niet was, bestelde ik dat gewoon. Op een gegeven moment had ik een klein boekje, maar met een grote impact. Het boekje bestond eigenlijk alleen uit plaatjes. Het was een jongetje net als ik, zittend in de zon. Het volgende plaatje was z’n arm met daarop een insect. Daarna zoomde de plaatjes in op het insect. Verder en verder. Molecuul, atoom, kern, proton, quark. Verder kun je eigenlijk niet gaan.

Ditzelfde gebeurde naar buiten toe. Dus je zag weer de arm, daarna de tuin, Spanje, de aarde, het zonnestelsel, het melkwegstelsel, het melkwegstelsel met andere stelsels enz., enz. Ik kwam toen door dat kleine boekje tot de gedachte dat de ruimte naar binnen en naar buiten oneindig was. Toch had ik veel moeite met het begrip o n e i n d i g h e i d. Stel dat het heelal eindig is, wat is er dan aan het einde daarvan. Bevinden we ons in een soort bubbel? En wat is er dan weer achter die bubbel? Ik wist het niet.
Of die oneindigheid naar binnen? De ruimte wordt oneindig klein, maar nooit nul.
Het gevolg van al dat gepieker was wel dat ik het geloof in een God totaal begon af te wijzen. Wat een verschrikkelijke flauwekul. Zou er een God zijn tussen al die miljarden sterren en planeten in die oneindige ruimte die speciaal de aarde op het oog had om daar de mens te scheppen. Deze mens hersens te geven om daarna hiermee in duizenden verschillende religies te geloven?
Dit tot afgrijzen van m’n moeder die zeer gelovig was. Ik kan me een gesprek met haar herinneren waarin ze haar angst uitsprak dat zij in de hemel zou komen en ik in de hel. En dat wilde ze voorkomen. Dus Isambard, geloof in God!
Ja, welke, de katholieke, de protestantse, de islamitische of weet ik veel welke god precies. Er zijn er zo veel. Dit was een soort bevel. Ik was een jaar of 15 en vond dit toen al belachelijk. Hoe kun je nu in zo iets onzinnigs geloven? Hoe kun je geloof in iets verplichten. Je gelooft in iets of niet.
Afijn, ik begon me steeds meer als een echte puber te gedragen. Dit vonden m’n ouders maar niets en ik werd naar een katholiek internaat gestuurd. M’n moeder hoopte op bekering. Het tegendeel gebeurde. Dit tot wanhoop van een aantal priesters, ben tot m’n grote genoegen van die school verwijderd. M’n moeder gaf het ook maar op.
Ik kwam toen door dat kleine boekje op de gedachte dat de ruimte naar binnen en naar buiten oneindig was.
Ben na veel omzwervingen natuurkunde en astronomie gaan studeren in Nederland en Spanje. Voor beide richtingen Cum Laude geslaagd.
Wat heb jij aan sterrenkunde gedaan op die Hogere Zeevaarschool van je?
Nou, niet zo veel. Wij leerden sterrenkunde om onze positie te bepalen, om te navigeren. We moesten met behulp van een sextant de hoeken van bepaalde sterren met de horizon meten en daarna onze positie becijferen. Dit waren ellenlange berekeningen en niet met de computer. Die was er nog niet in die tijd. Aan fysische sterrenkunde werd niets gedaan, maar ik heb er wel het een en ander over gelezen.
Ok, dat is iets. Zal ik je er iets over vertellen?
Ok, graag, maar hou het KIS (Keep It Simple) alsjeblieft, ik ben niet zo’n Cum Laude bolleboos als jij.
Of zal ik je eerst het laboratorium laten zien. Dan begrijp je iets beter waar ik mee bezig ben.
We begaven ons naar de geheimzinnige ruimte buiten.
Eerst door een soort luchtsluis en kwamen daarna in een ruimte met allerlei computers. Allemaal van Apple. Maar het echt indrukwekkendste gedeelte zou nog volgen.
We gingen in een lift, één verdieping naar beneden. Wat ik hier zag kun je het beste vergelijken met zo’n ruimte in een James Bond film. Heel veel grote roestvrij stalen apparatuur, zeer indrukwekkend.

Hij legde een beetje uit wat dit voor machines waren. Het zei mij niets.
Er was nog een verdieping onder, had ik in de lift gezien, maar deze liet hij mij niet zien.
Na een uurtje gingen we weer terug naar het grote huis.
